Altena Road Runners
Altena Road Runners
Altena Road Runners
Altena Road Runners
Altena Road Runners
Altena Road Runners

   

Eindelijk was het zover. Zondag 18 oktober 2015. De marathon van Amsterdam ligt voor ons. Na een intensieve voorbereiding breekt het moment van de waarheid aan. Na de nodige apps zijn we in alle vroegte vertrokken (vonden we). Johan, Henk, Emmy en mijn persoon. Voordat we in de auto's stapten hebben we nog onze koolhydraten op peil gebracht: van pasta tot bietensap. Mocht het al niet meer helpen, het gaat vooral om het gevoel!

Het was mistig en naar mate we Amsterdam naderen werd het druilerig weer. In de auto hielden we de temperatuur nauwgezet in de gaten. In Brabant nog 5 graden, in Amsterdam 7.. We dachten aan de marathon Eindhoven van twee jaar geleden: veel regen en koud.

Het was een enorme drukte rond het Olympisch stadion. Iedereen probeert op zijn manier zich optimaal voor te bereiden. De tijgerbalsem komt je tegemoet. De sfeer is geweldig. De spanning neemt toe, evenals de nervositeit. Gaat het lukken, haal ik mijn tijd? De apotheose breekt aan: vier maanden hard getraind, ga ik het waar maken? Het zal me toch niet gebeuren dat ik geblesseerd raak? Zo heeft iedereen zijn gedachten.

Het stadion in. De tijd van start breekt aan. De koplopers worden in beeld gebracht, de omroeper introduceert de snelle lopers met een geweldig enthousiasme. Het publiek breekt in juichen uit, iedereen voelt dit als een steun in de rug. We worden als het ware op handen gedragen. Dan breekt de beat los. De grote speakers bij de start overrulen elk gesprek: met stevige muziek gaan de waves het stadion uit. Het feest is begonnen.

Henk en Johan waren aangesloten op de wave van 3:00-3:30, Emmy en ik in die van 3:30-4:00 uur. 

De marathon was werkelijkheid geworden. Ik kon geen pacer vinden in de grote massa van lopers. Zo'n 16.000 runners liepen het stadion uit. Al gauw kon ik aansluiten op een viertal lopers waarvan een de rugaanduiding coach had. Met een strak tempo van 5:10 liepen we de km onder onze voeten door. Ik sprak met de coach (dan kon ik nog aan het begin): hij kwam uit Israel. Zijn groepje liep de tweede marathon, de eerste was in Tel Aviv gelopen. Langs de lijn werden we toegejuicht. Ik heb mijn naam in vele talen gehoord en met vele accenten: maar het doet wat met je. Het geeft een gevoel van verbondenheid, je loopt niet alleen (voorzover je dat al denkt in zo'n kleurrijke slinger van runners). 

Voor het eerst ben ik door het Vondelpark geweest, prachtige omgeving. Waarbij ik moet zeggen dat ik op de heenreis in het park om me heen heb gekeken maar terug alleen slechts de afstandbordjes per 100 meter gevolgd heb).

Vervolgens onder het Rijksmuseum door. Na verloop van tijd gingen we buiten Amsterdam langs de Amstel. Mooie route waarbij we werden vergezeld door kanovaarders, zelfs een zanger op een jacht, zodat we op het juiste ritme konden blijven lopen. Bij het 21,1 km punt kwam ik met 1:50 uur door. Het ging goed, maar voelde wel mijn benen wat zwaarder worden. Bij het 25 km punt liepen we weer de city in. 

En daarna kwam de man met de hamer!!

Op zijn aller onverwachts werd de tik uitgedeeld. Bij 27 km schoten mijn benen vol en moest ik even stoppen. Ik wist dat dit een fataal moment was. Hier was ik steeds bang voor geweest. In mijn trainingsperiode is het mij namelijk niet gelukt om onafgebroken de 30, 32 en 35 km te lopen. 

Omstanders proberen je weer in het juiste tempo te roepen, men leeft mee. Verbijtend probeer je je vast te klampen aan de lopers. Waterpunten zijn nog nooit zo van grote betekenis voor je geweest: drinken, rust. Het liefst zou je even gaan zitten, maar het publiek schreeuwt je als het ware de lopersgroep weer in.

Door mijn hoofd gaat de frustratie: weg mijn doel van 3:45 uur. Heb ik hier nou voor getraind? Dit doet pijn, terwijl je al niet soepeltjes loopt. Maar diep van binnen komen de oerkrachten omhoog: Ik moet 4:00 uur halen. Later kan en ga ik thuis niet uitleggen. Verbeten vecht ik mij voort. Ik kom lopers tegen die mij eerder hadden ingehaald. Een roep van herkenning volgt van iemand die met mij de eerste 25 km had gelopen maar ook het tempo niet kon vasthouden. Maar ondanks dat lachte hij en zei: we gaan voor de vier uur. Ik antwoordde: al moet ik kruipen, het gaat mij niet gebeuren dat ik later binnen kom.

Vechten, rusten, lopen, drinken, we gaan richting de 40 km. Het gaat lukken. Wat heb ik veel keer de naam Arie gehoord. Zet hem op, well done en in andere talen.

Het stadion komt in zicht. Dan gaan we door de poort, de strijd is gestreden, nog 125 meter, de finish in zicht. Bij de doorloop staan twee ziekenwagens met zwaailicht. Er ligt een loper op de grond. Dan schrik je en krijg je een akelig gevoel van binnen. Ik hoop dat het goed met hem of haar is afgelopen. Ik moet door, de laatste meters over de zachte ondergrond van de atletiekbaan, dat voelt weldadig aan.

En dan de finish: 4:01:11. Ik ben gelukkig, blij en tevreden. Voor mij zit een loper op zijn knieën voorovergebogen naar de grond. Ik leg mijn hand op zijn schouder: je hebt het gefikst zei ik. We gaven elkaar de give me five. Woorden heb je niet meer nodig, het is het intense gevoel dat je de prestatie hebt geleverd, de strijd hebt gestreden en met elkaar het succes hebt behaald. De medaille wordt omgehangen, de bekroning. 

Daarna schuifelend het stadion uit, niet alleen omdat het druk was, kan ik je verzekeren. Dan weet je weer waar je spieren zitten. Vooral blijven lopen, om verkramping tegen te gaan. Gemakkelijk gezegd maar voorwaar, dat viel niet mee. Wat heerlijk toen ik in de warme auto zat.

 

En dan hoor je de geweldige prestaties van Henk (3:13), Johan (3:18) en Emmy (3:38). Diep respect. Alle drie een PR. Ze hebben laten zien dat de ARR een prachtige vereniging is die ons samen brengt tot uitstekende prestaties. 

Voorzichtig denk ik aan de marathon van Dublin 2016

 

Copyright Altena Road Runners © 2017. All Rights Reserved.